17 februari, 2026
Flexibiliteit en mobiliteit zijn belangrijk voor een gezond en sterk lichaam. In dit artikel lees je wat het verschil is tussen beide, wat je lichaam eraan heeft en hoe je eraan kunt werken. Ook geven we voorbeelden van oefeningen en tips om te trainen.
Flexibiliteit is het vermogen van een spier om te rekken. Het is vaak een passief vermogen: hoe ver een spier kan bewegen zonder dat je er kracht voor gebruikt. Flexibiliteit gaat dus over hoe soepel en lenig je spieren en pezen zijn.

Mobiliteit gaat een stap verder. Het is het vermogen om je volledige bewegingsbereik actief te gebruiken met behoud van kracht en controle. Het combineert flexibiliteit met kracht en coördinatie. Kortom: je kunt flexibel zijn in een spier, maar nog steeds beperkt in je mobiliteit als je het volledige bewegingsbereik niet actief kunt benutten.

Goede flexibiliteit en mobiliteit hebben veel voordelen:
Als je weinig flexibiliteit of mobiliteit hebt, kun je last krijgen van stijve spieren, pijn in rug of schouders en loop je sneller blessures op.
Je kunt eenvoudig testen hoe flexibel en mobiel je bent:





Doe deze oefeningen rustig, adem goed door en combineer passieve stretches met actieve mobiliteitsoefeningen voor optimaal resultaat.
Wil je gericht werken aan soepel bewegen én kracht in je volledige bewegingsbereik? Kom naar onze KBFLEX-les! Hier train je zowel flexibiliteit als mobiliteit onder begeleiding van een coach, zodat je fitter, soepeler en sterker wordt.
Bekijk overige berichten